De bevalling is begonnen als je vliezen gebroken zijn of als je regelmatige weeën om de 5 minuten hebt. Het verliezen van de slijmprop is geen teken van het begin van de bevalling.
In ongeveer 15% van de gevallen begint de bevalling op deze manier. Vaak is het heel duidelijk dat je vliezen gebroken zijn. Je verliest dan ineens heel veel vruchtwater. Het is ook mogelijk dat er maar een klein gaatje in de vliezen ontstaat waardoor langzaam vruchtwater sijpelt.
Helder vruchtwater ziet eruit als gewoon water met een druppeltje melk erin. Soms kunnen er witte vlokjes in zitten van het huidsmeer van de baby.Het belangrijkste kenmerk van gebroken vliezen is dat het vruchtwater blijft lopen. Je kunt het het beste vergelijken met een lekke band. Je kunt het waterverlies dus ook niet ophouden, wat bij urine wel kan. Wanneer je twijfelt omdat je veel last hebt van afscheiding merk je dat afscheiding regelmatig stopt met lopen. Het voelt dus niet continu nat aan. Een andere manier om vruchtwater te herkennen is de geur. Het ruikt heel zoet en lijkt nog het meest op de geur van sperma. Afscheiding ruikt zuur en de geur van urine herkent iedereen wel.Als je het niet zeker weet zullen we je altijd vragen een kraamverband in je slip te leggen. Je merkt dan al snel of het vochtverlies continu is. Bovendien kunnen wij dan het beste beoordelen of er sprake is van vruchtwaterverlies door ernaar te kijken en eraan te ruiken. Gebruik dus absoluut GEEN maandverband wat supergoed absorbeert maar een ouderwets dik en goedkoop maandverband. Dit soort maandverband vind je meestal ook in je kraampakket.
Wanneer je ons belt met het bericht dat je vliezen gebroken zijn zullen we je enkele vragen stellen. Allereerst willen we weten of het vruchtwater helder is. Als je weeën hebt kan het vruchtwater wat bloederig of bruin(oud bloed) zijn. Dit is normaal. Soms ziet het vruchtwater groen, dan heeft de baby in het vruchtwater gepoept. We vragen ook altijd of het hoofdje van de baby is ingedaald. Tijdens het spreekuur zullen we dat vanaf ongeveer 36 weken tegen je zeggen. Wanneer het hoofdje nog niet is ingedaald heb je de instructies gekregen om te gaan liggen zodra de vliezen breken. Hiermee schakel je de zwaartekracht uit en voorkom je dat er een navelstreng of een handje tussen het hoofdje en het bekken terecht komt. We komen dan zo snel mogelijk bij je thuis langs om te kijken of het hoofdje door het breken van de vliezen wel goed is ingedaald.
Als je vliezen gebroken zijn is de beschermende barriëre tussen de baby en de buitenwereld beschadigd. Hierdoor bestaat er een kleine kans dat er een infectie bij het kindje kan komen. Om dit te voorkomen krijg je van ons enkele instructies.
Doordat badwater, tampons of de penis de vagina ingaan, kunnen bacteriën die in de vagina zitten bij de baby komen. Wij zullen ook pas een inwendig onderzoek doen naar je ontsluiting als je goede weeën hebt om de 3 á 4 minuten. We gebruiken hierbij wel steriele handschoenen maar ook daarmee kunnen we bacteriën uit de vagina bij de baby brengen. Zodra je goede weeën hebt mag je ook weer in bad. Nadat je vliezen gebroken zijn, is er nog 24 uur de tijd om weeën te krijgen en samen met ons te bevallen. Na die tijd wordt het een ziekenhuisbevalling omdat het infectiegevaar te groot wordt.
Je baarmoeder is een grote spier die kan samentrekken. Buiten de zwangerschap kun je daar al wat van voelen als je last hebt van menstruatiepijn of als je een orgasme hebt.
Tijdens de zwangerschap zijn de eerste samentrekkingen die je voelt vaak de 'harde buiken'. De baarmoeder trekt dan samen op het moment dat de baby hard trapt, als je van houding verandert of als je het heel druk hebt (gehad). Je buik voelt dan alsof er een voetbal in zit. Het kan wat pijnlijk en ongemakkelijk zijn, maar vaak merk je het niet eens. We willen wel graag dat je het ons vertelt als je meer dan 10-15 harde buiken per dag hebt. We willen dan beoordelen of je mogelijk een blaasontsteking hebt of dat je veel te druk bent.
Als het je eerste kindje is gaat het gemiddeld bij 36 weken indalen. Sommige vrouwen hebben daarbij last van indalingsweeën. Dit zijn onregelmatige samentrekkingen van de baarmoeder die best pijnlijk kunnen zijn. Soms krijg je zelfs het idee dat de bevalling al is begonnen. Het kan enkele uren aanhouden. Oefenweeën of voorweeën hebben dezelfde kenmerken: ze komen enkele uren zeer onregelmatig en kunnen lang aanhouden. Ook kunnen ze pijnlijk zijn, maar dit wordt niet erger. Deze weeën zorgen niet voor ontsluiting. Het is een voorbereiding op de bevalling voor je baarmoeder en baarmoedermond. Vaak ervaar je dit 's avonds zodra je zelf in rust bent. Neem dan een lekker warm bad of douche. Dat kan je helpen om in slaap te vallen.
Deze weeën kenmerken zich doordat ze regelmatig komen en in frequentie, sterkte en pijn toenemen. Ook als je nog nooit weeën hebt gehad zul je ze herkennen als je ze hebt. Dat wil ook zeggen dat zolang je twijfelt of het echte weeën zijn, het nog geen echte weeën zijn. Een wee is eigenlijke een golf die door je buik gaat. De pijn komt langzaam op tot het een hoogtepunt bereikt. Dan voel je de wee en dus de pijn weer langzaam afzakken. Een goede wee duurt van begin tot het eind één tot anderhalve minuut. Heel vaak beginnen de weeën 's nachts omdat je dan in rust en ontspannen bent. Misschien bouwt het zich langzaam op van weeën om het half uur naar weeën om de vijf minuten. Het is ook mogelijk dat je meteen weeën hebt om de 3-4 minuten.
Je kunt je de baarmoeder het beste voorstellen als een opgeblazen ballon met de baarmoeder-mond als tuitje. Dat tuitje is ongeveer 2 cm lang en voelt zo hard als het puntje van je neus als je nog nooit weeën hebt gehad. Voordat de baarmoedermond open kan gaan (dit noemen we ontsluiting) moet hij eerst zacht worden als je lippen en zo kort worden als een ring. Dat heet verstrijken. Weeën zorgen ervoor dat de baarmoedermond eerst zacht wordt, dan verstrijkt en als laatste gaat ontsluiten. Wanneer het je eerste kindje is gebeurt dit één voor één. Als je al ooit bevallen bent blijft je baarmoedermond daarna een stuk zachter. Dit zorgt ervoor dat het verstrijken en ontsluiten meer gelijktijdig kan gebeuren. Hierdoor gaat een bevalling van een tweede of derde kindje vaak sneller. De pijn van een wee wordt veroorzaakt door de trekkracht die wordt uitgeoefend op de baarmoedermond en de banden. Je kunt pijn voelen in je buik, rug en/of bovenbenen. Het is onmogelijk te omschrijven hoe de pijn precies voelt. Sommigen omschrijven het als menstruatiepijn maar dan honderd keer erger. Zodra de wee weg is, is de pijn ook helemaal weg tot de volgende wee weer komt. Naarmate de bevalling vordert komen de weeën steeds vaker, tot je het idee hebt dat je bijna geen pauze meer krijgt. Het wordt ook steeds pijnlijker en je hebt steeds vaker het gevoel dat je moet duwen of poepen. Je komt in de zogenaamde 'wanhoopsfase' waarin we vaak kreten horen als: 'ik doe dit nooit meer!' Dit is vaak wel een teken dat de ontsluiting al behoorlijk gevorderd is.
Het belangrijkste (maar ook het moeilijkste) is om je te ontspannen tijdens de bevalling. Ontspanning zorgt er namelijk voor dat je lichaam endorfinen gaat maken. Dit is een natuurlijk soort morfine wat ervoor zorgt dat je in een soort roes terecht komt, het haalt de pieken van de pijn af en het versterkt de aanmaak van oxytocine, het hormoon waar je goede weeen van krijgt. Doordat je slaperig wordt kun je je tussen de weeën door ook beter ontspannen wat net zo belangrijk is als het goed opvangen van de pijn. Als je in paniek raakt gaat je lichaam adrenaline maken. Dat zorgt ervoor dat je minder weeën hebt en dat je veel meer pijn voelt. Om je goed te kunnen ontspannen is warmte een eerste vereiste: neem een warm bad of een warme douche. Koude voeten zorgen voor een koud lichaam, dus trek op tijd sokken aan. Dit voorkomt ook dat je kuitkrampen krijgt. Als je een wee krijgt kun je het beste proberen om je op je ademhaling te concentreren. Dan ben je minder gefocust op de pijn. Het is heel belangrijk te proberen door te ademen. Je blaast de pijn dan als het ware uit. Probeer met de pijn mee te gaan en verzet je er niet tegen. Zorg voor een rustige omgeving zodat je je beter kunt concentreren. Afhankelijk van de plek waar je de weeën voelt kan je partner je daar misschien masseren. Zorg er dan wel voor dat je massageolie gebruikt om brandwonden te voorkomen. Het kan namelijk heel prettig zijn als er flink hard geduwd wordt. Dit komt ook allemaal ter sprake tijdens de zwangerschapsgym of '“yoga. De boeken 'veilig bevallen' en 'duik in je weeën' zijn echte aanraders. Bel ons altijd op als je merkt dat je in paniek raakt. We komen je dan zo snel mogelijk supporten.
Ademhalingsoefeningen, een warm bad of douche en een massage zijn natuurlijke middelen die je zowel bij een thuisbevalling als bij een bevalling in de Meiboom of in het ziekenhuis kunt toepassen. Probeer hierbij een houding te zoeken die het meest prettig is en wissel ook af en toe eens van houding.
Een andere vorm van pijnstilling die overal toe te passen is, is het gebruik van de geboorteTENS. Dit apparaatje beïnvloedt pijnprikkels zoals weeënpijn zodanig dat de intensiteit van de pijn minder wordt. TENS staat voor Transcutane Elektro Neuro Stimulatie. Als je weeën hebt, stuurt je lichaam pijnsignalen naar je hersenen. Het apparaatje blokkeert deze prikkels via lichte elektrische pulsen. De geboorteTENS is een op batterijen werkend doosje ter grootte van een walkman. Bij de bevalling plak je aan weerskanten van je ruggenwervel vier elektroden waardoor het apparaatje de pijnprikkels uit het bekken en de baarmoederstreek opvangt. De geboorteTENS heeft 2 standen: één voor tijdens de wee en één voor tussen de weeën. Hierdoor kun je het pijnstillend effect enigszins zelf regelen. Let wel op dat je de geboorteTENS niet in bad of in de douche kunt gebruiken. Een ander nadeel kan zijn dat het apparaatje stoort met apparatuur in het ziekenhuis. Mogelijk vragen ze je daar de geboorteTENS te verwijderen. De TENS kun je op onze praktijk huren. De meeste zorgverzekeringen vergoeden deze kosten.
Bovenstaande manieren zijn allemaal toe te passen als de bevalling onder onze begeleiding plaatsvindt. Hieronder bespreken we vormen van pijnstilling waarvoor we de zorg voor jou en je baby moeten overdragen aan de gynaecoloog. Bij alle methoden wordt namelijk gebruik gemaakt van medicijnen die invloed kunnen hebben op jullie baby. Daarom is het erg belangrijk dat jij en de baby goed in de gaten worden gehouden. Onze middelen zijn daarvoor niet toerijkend. Als we je doorverwijzen voor pijnstilling is het belangrijk dat de gynaecoloog eerst te weten komt hoe de toestand van de baby is. Er zal een uitgebreid hartfilmpje (CTG) worden gemaakt. Verder zal de gynaecoloog een inwendig onderzoek doen om vast te stellen hoeveel ontsluiting er is. Als dit alles in kaart is gebracht beslist de arts of, en welke vorm van pijnstilling het beste gaat zijn. Deze onderzoeken nemen uiteraard tijd in beslag. Houdt er dus rekening mee dat je niet meteen bij aankomst in het ziekenhuis pijnstilling krijgt.
Pethidine is een medicijn dat in elk ziekenhuis gegeven kan worden. Pethidine krijg je via een injectie in de bil of het bovenbeen. Na ongeveer een kwartier ga je het effect voelen: de ergste pijn wordt minder en vaak kun je je daardoor ontspannen tussen de weeën door. Het middel werkt 2 tot 4 uur. We noemen dit sedatie. Het is bedoeld om je te laten slapen. Daarom wordt het enkel 's avonds toegediend. Het wordt meestal gegeven als je zelf al weeën ervaart, maar deze nog niet sterk genoeg zijn om van het begin van de bevalling te kunnen spreken. Door de pethidine kun je mogelijk een aantal uren slapen om weer krachten op te doen voor als de bevalling later wel goed doorzet. Soms stoppen de weeën namelijk. Een andere mogelijkheid is dat je door de pethidine je zodanig goed ontspant dat de weeën krachtiger en effectiever worden en de bevalling dus verder gaat. Bijwerkingen van pethidine kunnen misselijkheid, hoofdpijn of duizeligheid zijn. Als de baby binnen 4 uur na de injectie geboren wordt kan het zijn dat hij last heeft van de morfine en suf ter wereld komt. Mogelijk 'vergeet' de baby op het moment van geboorte adem te halen. De gynaecoloog beschikt dan over middelen om je baby te geven, zodat hij wel gaat ademen. Als je baby later dan 6 uur na het geven van de prik geboren wordt, is dit risico geheel verdwenen. Daarom wordt het alleen voor of aan het begin van de bevalling gegeven. Zodra de pethidine is uitgewerkt nemen wij, in overleg met de gynaecoloog ongeveer 6 uur na het spuiten van de pethidine, de zorg voor jullie weer terug. We begeleiden dan de rest van je bevalling op de plaats die jullie voorkeur heeft.
Epidurale pijnbestrijding (ruggenprik) kan in elk ziekenhuis in Tilburg, op elk tijdstip van de dag gegeven worden. Het wordt gegeven als je bevalling is begonnen, maar je minder dan 5 cm ontsluiting hebt. De prik van de epidurale naald duurt kort en doet door de verdoving van de huid praktisch geen pijn. De anesthesioloog spuit daarna via een dun slangetje (katheter) verdovingsvloeistof in de ruimte tussen de ruggenwervels: de epidurale ruimte. Hier lopen zenuwen die pijnprikkels van de baarmoeder en de bekkenbodem vervoeren. Als deze zenuwen worden uitgeschakeld, voel je de pijn van de weeën niet meer. Het duurt gemiddeld 5 tot 15 minuten voor de ruggenprik gaat werken. Het is mogelijk dat je dan helemaal geen pijn meer voelt tijdens de ontsluitingsfase. Echter in 5% van de gevallen werkt de ruggenprik onvoldoende. De anesthesioloog zoekt naar een evenwicht in de dosering: de pijn moet draaglijk zijn terwijl de bijwerkingen zo klein mogelijk zijn. Op het hoogtepunt van een wee kun je dus toch nog wat druk of een beetje pijn voelen. De ruggenprik zorgt er echter wel voor dat je meer rust ervaart en sneller op krachten kunt komen, wat de ontsluiting vaak ten goede komt. Behalve pijnzenuwen lopen in deze ruimte ook zenuwen die de spieren in het onderlichaam aansturen. Na een ruggenprik neemt dus meestal ook de spierkracht in de benen tijdelijk af; bovendien krijg je minder gevoel in benen en onderbuik. Door de ruggenprik voel je meestal ook niet meer dat je moet plassen. Om ervoor te zorgen dat je blaas niet te vol raakt, wat de bevalling kan remmen, zal met regelmaat je blaas leeggemaakt worden met behulp van een slangetje. Voor de ruggenprik krijg je extra vocht toegediend via een infuus. Dit voorkomt dat je bloeddruk gaat dalen. Verder worden je polsslag, bloeddruk, zuurstofgehalte en urineproductie regelmatig gecontroleerd. De hartslag van de baby wordt continue in de gaten gehouden met behulp van een CTG-apparaat. Voor al deze controles zijn apparaten nodig die met slangetjes aan jou bevestigd worden. Sommige mensen ervaren dit als nadelig omdat je daar minder mobiel door wordt. Tegen de tijd dat je volkomen ontsluiting hebt, wordt de hoeveelheid toegediende medicijnen meestal verminderd. Zo voel je weer de weeën die nodig zijn om goed mee te kunnen persen. Soms duurt het een tijdje voordat de spontane persdrang op gang komt. De uitdrijvingsfase kan hierdoor wat langer duren. Een ruggenprik heeft ook nadelen. Ten aanzien van de bevalling zijn de nadelen dat deze vaak langer duurt en dat er een verhoogde kans is op een kunstverlossing. Bovendien loop je een groter risico dat je koorts krijgt tijdens de bevalling. Dit heeft als gevolg dat jij en je baby nog enkele dagen op de couveuseafdeling moeten doorbrengen tot jullie beiden koortsvrij zijn. Voor jou kunnen er soms vervelende bijwerkingen optreden die niet ernstig zijn, zoals daling van je bloeddruk, hoofdpijn, krachtverlies in de benen, jeuk en een verminderde blaasfunctie. Deze klachten zijn goed behandelbaar en van tijdelijke aard. In zeer zeldzame situaties kan het ook voorkomen dat er grote hoeveelheden verdovingsvloeistoffen in de bloedbaan of hersenvocht terecht komen. In zo'n situatie wordt de ademhaling moeilijker, waarvoor ze je wel kunnen behandelen.
Remifentanil is een redelijk nieuwe methode van pijnstilling, die vanaf ongeveer 5 centimeter ontsluiting kan worden gegeven. Het middel wordt met name gegeven als verwacht wordt dat je binnen 4 uur gaat bevallen. Het wordt door middel van een infuus direct in de bloedbaan gebracht. Je kunt zelf bepalen hoeveel pijnstilling je wilt krijgen. Remifentanil wordt namelijk met behulp van een speciaal pompje toegediend, zodra jij een druk op de knop geeft. Het voordeel van dit middel is dat het direct, maar ook kort werkt. Na negen minuten, nadat je voor het laatst op de knop van het pompje hebt gedrukt, is het medicijn al weer uit je bloedsomloop verdwenen. De toediening van het medicijn wordt hierdoor veel beter te controleren. Er is ook een beveiligingsmechanisme wat ervoor zorgt dat je jezelf niet teveel kunt toedienen. Door remifentanil wordt je mogelijk erg suf en slaperig. Sommige mensen ervaren dit als een nadeel omdat ze later het gevoel hebben hele stukken van de bevalling 'kwijt' te zijn. Met remifentanil wordt de ergste pijn van de weeën weggehaald. Hoogstwaarschijnlijk zul je nog wel een beetje pijn of een drukkend gevoel in je onderbuik ervaren. Ook bij het gebruik van remifentanil is het erg belangrijk dat jij en je baby goed in de gaten worden gehouden. Hiervoor wordt je aan allerlei apparaten aangesloten en ben je dus minder mobiel. Zodra er sprake is van volledige ontsluiting en je dus mag gaan persen wordt de dosering remifentanil verlaagd of stopgezet zodat je de persdrang gaat voelen.
Het hangt van een heleboel factoren af of je pijnstilling tijdens je bevalling nodig hebt. Via bovenstaande informatie willen we jullie laten weten dat wij, als verloskundigen, niet negatief tegenover pijnstilling staan en dat we pijnstilling voor je zullen regelen als het nodig mocht blijken te zijn. We zouden het jammer vinden als je zwangerschap overschaduwd wordt door angst voor eventuele baringspijn. Je kunt tijdens het spreekuur met ons bespreken waar je tegenop ziet. Er is ook de mogelijkheid het op te schrijven in het geboorteplan wat we je tussen de 20 en 30 weken aanbieden. Vaak kunnen we je van te voren al geruststellen. Iedere bevalling is uniek en ook de beleving daarvan. Probeer je dus niet bang te laten maken door verhalen van anderen. Jullie verhaal moet nog geschreven worden.
Zodra je volledige ontsluiting (10cm) hebt en je hebt 'reflectoire persdrang' (poepdrang die je onmogelijk kunt tegenhouden) mag je gaan persen. Als het je eerste kindje is duurt dit gemiddeld nog een uur. Wanneer je al ooit bevallen bent gaat dit minstens twee keer zo snel. Je bekkenbodemspieren en vaginawand (het baringskanaal) zijn dan niet meer zo stevig en strak waardoor de baby er sneller en makkelijker door kan. Je kunt allerlei houdingen aannemen tijdens het persen. Zolang alles goed gaat met jou en de baby mogen jullie zelf aangeven hoe je wilt bevallen. Je kunt liggend op bed of zittend op de baarkruk bevallen. Je kunt op je hurken zitten, blijven staan of op handen en knieën bevallen. Jullie kunnen er ook voor kiezen een speciaal 'bevalbad' te huren. Kijk op www.oerbron.nl voor meer informatie over badbevallingen. In sommige gevallen zullen wij een houding adviseren om de geboorte te bespoedigen. Alle verloskundigen hebben een baarkruk bij zich. Hier kunnen jullie (of wij) dus altijd voor kiezen. Veel vrouwen vinden het prettig als ze mogen gaan persen. Je kunt dan actiever met de pijn omgaan dan tijdens de ontsluiting. De weeën komen meestal wat minder vaak zodat moeder en kind de kans krijgen zich te herstellen en krachten te verzamelen voor de volgende wee. Zodra het hoofdje van de baby onder het schaambeen door is kunnen we het steeds zien tijdens een wee. Als de wee stopt schiet het hoofdje weer terug naar binnen. Dit noemen we 'insnijden'. Iedere wee zien we het hoofdje steeds een klein stukje verder komen en schiet het steeds iets minder ver terug. Op een gegeven moment blijft het hoofd staan. Het gaat dan niet meer terug naar binnen. Dit geeft een heel branderig gevoel. Luister op dat moment goed naar ons om de geboorte zowel voor jezelf als jullie baby zo rustig mogelijk te laten verlopen. Als je wilt mag jij of je partner jullie kindje zelf aanpakken en op je buik leggen.
Nadat de baby geboren is heb je nog enkele weeën nodig om de placenta (moederkoek) geboren te laten worden. Je hebt hier veel minder perskracht voor nodig dan voor de geboorte van jullie baby. Pas als de placenta geboren is, is de bevalling écht klaar. De eerste dag of dagen na de bevalling kun je nog naweeën hebben als de baby aan de borst drinkt of als je een volle blaas hebt. Houdt er rekening mee dat je, naarmate je meer kinderen hebt gekregen, je meer last kunt hebben van deze naweeën. Je baarmoeder kan minder goed samengetrokken blijven waardoor hij regelmatig ontspant. Het opnieuw samentrekken ervaar je als een wee. Naweeën hebben een minder duidelijke, maar zeker belangrijke functie: ze zorgen ervoor dat je niet teveel bloed verliest uit de wond die de placenta in je baarmoeder achterlaat.
Tussen de 20 en 30 weken zwangerschap bieden we je een geboorteplan aan wat jullie in mogen vullen als jullie willen. In een geboorteplan kunnen jullie je wensen rondom de bevalling opschrijven. Om jullie op weg te helpen hebben we een aantal meerkeuzevragen opgesteld. Het invullen van het plan kan jullie helpen je voor te bereiden op de bevalling en het geeft ons, en eventuele andere zorgverleners, inzicht in wat jullie belangrijk vinden.
Lage Witsiebaan 2A
5042 DA Tilburg
T. 013 5425763
F. 013 4673350
E.
Warmondstraat 116
5036 BT Tilburg
Beethovenlaan 285A
5011 LH Tilburg
Nr. 17235430
U kunt ons ook vinden op Facebook. Bezoek en volg ons om volledig op de hoogte te blijven!